Wat is een calamiteit jeugd?

Het betreft hier nadrukkelijk calamiteiten die plaatsvinden gedurende de betrokkenheid van een jeugdinstelling of jeugdhulpaanbieder, waarbij tijdens het verblijf of ambulante hulp een niet-beoogde of onverwachte gebeurtenis ontstaat, die tot een ernstig schadelijk gevolg voor of de dood van een jeugdige of een ouder heeft geleid.

Wanneer er een calamiteit plaatsvindt onder de verantwoordelijkheid van een jeugdzorginstelling is de instelling verplicht hiervan een melding te doen bij de:

  1. inspectie Jeugdzorg
  2. betreffende gemeente

 

Criteria voor het doen van meldingen aan de gemeente

Een calamiteit dient direct bij de gemeente gemeld te worden, indien het voldoet aan de volgende criteria:

  1. Wanneer er een vermoeden is dat er een onnatuurlijke dood heeft plaatsgevonden;
  2. Wanneer er sprake is van ernstige mishandeling of zwaar (blijvend) letsel van een jeugdige in de gezinssituatie waardoor acuut ingrijpen van buiten nodig is;
  3. Wanneer er sprake is van ernstige mishandeling of zwaar (blijvend) letsel van een jeugdige in een instelling door een medewerker van de instelling of een andere jeugdige;
  4. Ernstig geweld (zwaar letsel) tegen medewerkers van een instelling, die met jeugdigen en hun ouders/verzorgers werken, door de jeugdige of ouder/verzorger;
  5. Overige situaties met mogelijk grote maatschappelijke impact of onrust tot gevolg: ernstig grensoverschrijdend gedrag: fysiek, psychisch en/of seksueel door jeugdigen, ouders, professionals of verzorgers;
  6. Overige situaties rond een jeugdige tot 23 jaar die (kunnen) leiden tot (landelijke/regionale/ stedelijke) media-aandacht;
  7. Vermissing:
    A) jeugdige is niet binnen 24 uur teruggekeerd in de gesloten instelling en een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving;
    B) er heeft zich een calamiteit voorgedaan tijdens de vermissing (bijvoorbeeld jeugdige is betrokken bij of slachtoffer geworden van een (seksueel) misdrijf);
    C) de jeugdige is < 13 jaar.

Incidenten hoeven niet direct gemeld te worden. Bij twijfel dient de gemeente altijd geïnformeerd te worden.

 

Hoe meld ik de calamiteit bij de gemeente?

Indien er sprake is van een calamiteit, zal er altijd via 112 een beroep gedaan worden op één van de hulpdiensten. Het is van groot belang dat u bij een dergelijke melding ook de Officier van Dienst Bevolkingszorg van de gemeente informeert en uw naam achterlaat én het telefoonnummer waarop u te bereiken bent. Deze bekijkt welke personen er binnen de
gemeente geïnformeerd moeten worden en welke acties er vanuit de gemeente verder ondernomen moeten worden. De Officier van Dienst Bevolkingszorg is alleen via de meldkamer (112 of 0900-8844) te bereiken.

 

Welke gegevens moeten er verstrekt worden?

Er zijn bij de melding direct al een aantal gegevens nodig. Gezien de gevoeligheid van de calamiteiten en het belang van bescherming van persoonsgegevens is zorgvuldigheid van groot belang bij het doorgeven van persoonlijke informatie. We werken dan ook met initialen van de jeugdige die het betreft. De volgende informatie wordt gevraagd, nadat de Officier van Dienst Bevolkingszorg contact met u opneemt:

  • NAW (ook adres van gezaghebbenden ten behoeve van woonplaatsbeginsel), geboortedatum, geslacht van de jeugdige;
  • Naam, locatie/afdeling instelling en naam/functie betrokken medewerker;
  • Gegevens over de inhoud van de calamiteit;
  • Gegevens over aan wie is gemeld/geïnformeerd (ketenpartners, politie, ouders/wettelijke vertegenwoordigers ed.) en wie onderzoek doet (voor zover al bekend);
  • Informatie over de actuele veiligheid van de jeugdige en eventuele anderen incl. geboden hulp/begeleiding jeugdige;
  • Of er sprake is van (dreigende) maatschappelijke onrust;
  • Of er sprake is van (verwachte) media aandacht.

In de daaropvolgende uren moet de overige informatie gemeld worden:

  • Geschiedenis hulpverlening aan jeugdige(n); wie heeft er betrokkenheid gehad met persoon, voor hoe lang, zijn er beschermingsmaatregelen van kracht (aard, omvang en duur hulpverlening);
  • Beschrijving gezinsrelaties/geschiedenis hulpverlening incl. eventueel namen en geschiedenis overige kinderen;
  • Informatie over het afhandelen van de calamiteit (inclusief verantwoordelijke instantie op tijd van melden, eventuele aangifte bij politie).