Contrast verhogen
Tekst Vergroten
Lees voor
Het proces van verwijzen naar jeugdhulp
Inleiding

Het proces van verwijzen naar jeugdhulp 

Het proces van verwijzen naar jeugdhulp bestaat uit een aantal stappen, die in dit deel van de e-learning aan bod komen: 

Brede analyse door verwijzer 
Indicatiestelling 
             1. SMART doelen stellen
             2. Keuze zorgvorm (soort indicatie) 
             3. Aanbieder kiezen 

 

De volgende thema's worden op een later moment toegevoegd aan de e-learning: 

  • Opstellen leefzorgplan/bepaling jeugdhulp
  • Evalueren en eventueel bijstellen
  • Regievoering 
Brede analyse door verwijzer

Bekijk de video: Brede Analyse / vraagverheldering

Bekijk de video
Brede analyse door de aanbieder

Bekijk de video: Brede analyse door de aanbieder

Bekijk de video
18-/18+, Perspectiefplan en Verlengde jeugdhulp

Bekijk de video: 18-/18+, Perspectiefplan en Verlengde jeugdhulp 

Bekijk de video
Indicatiestelling

Indicatiestelling 

Als de brede analyse is uitgevoerd en je dus als verwijzer: 

  • Een beeld hebt van de situatie van de jeugdige en zijn ouders/gezin
  • In kaart hebt gebracht wat zij zelf, met behulp van hun netwerk of voorliggende voorzieningen (onderwijs, zorgverzekeringswet, vrijetijdsbesteding, initiatieven in het dorp of de omgeving van het gezin, enz.) kunnen doen  
  • En welke hulpvraag er dan nog ligt. 
     
    Vervolgens kun je aan de slag met het vertalen van de hulpvraag naar een indicatie voor een maatwerkvoorziening (of stapeling, wanneer aan de orde). De indicatiestelling bestaat uit drie stappen: 
    1. SMART doelen stellen 
    2. Keuze zorgvorm (soort indicatie) 
    3. Aanbieder kiezen 
     
    Deze thema's komen hierna aan bod. 
SMART doelen stellen

Aanvulling SMART doelen 

Waar mogelijk, stel deze doelen samen met de jeugdige en/of zijn ouders/gezin op. Op die manier zijn jeugdige en/of ouders/gezin onderdeel van wat zij willen bereiken, waarmee je bijdraagt aan hun commitment. Ook bespreek je op dat moment hoe realistisch de doelen zijn en kun je, wanneer nodig, meteen bijstellen. Dit zorgt voor een gezamenlijk en gedeeld beeld over de hulpverlening tussen jou als verwijzer en jeugdige en/of ouders/gezin. Dit is ook meteen de basis waarop je later kunt evalueren.

Bekijk video
Keuze zorgvorm (soort indicatie)

Keuze zorgvorm: Soort indicatie 

Als de doelen zijn gesteld bepaal je hoe de hulp er op hoofdlijnen uit moet komen te zien om deze doelen te behalen. Deze praktische invulling, waar nodig met passend dag- en/of weekprogramma, bepaal je op hoofdlijnen in samenspraak met de jeugdige, ouders en/of gezin en waar nodig ook in afstemming met de aanbieder. 

 

Vervolgens bepaal je als verwijzer de passende indicatie:  

  • Productcode/jeugdhulpvormen
    • Bijvoorbeeld: Is een indicatie Pleegzorg of een indicatie Gezinshuis passend bij de zwaarte van de problematiek van de jeugdige? Of: Is een indicatie Ambulante hulp A voldoende, omdat de hulp geboden kan worden door een niet-geregistreerde professional? Of heb je Ambulante hulp B nodig, omdat de geregistreerde professional wel vereist is?
    • Een overzicht van alle jeugdhulpvormen is te vinden op de website van de MGR.
    • Welke stapelingen van productcodes/jeugdhulpvormen mogelijk zijn en welke niet is te vinden in de stapelingsmatrix. Deze is ook te vinden op de website van de MGR en wordt toegelicht in de volgende video.
  • De hoeveelheid uren, dagdelen of etmalen.
    • Hoe je deze passend kunt indiceren op basis van P*Q wordt toegelicht in een volgende video. 
       

Rol jeugdige, ouders en/of gezin 
Samen met de jeugdige, ouders en/of gezin bepaal je hoe de hulp er op hoofdlijnen uit moet komen te zien, om de doelen te bepalen. Vervolgens bepaal jij als verwijzer de passende indicatie. Met deze "administratieve achterkant" belast je het gezin niet. 

 

Rol aanbieder 
In veel gevallen heb je al contact met de aanbieder over de passendheid van de hulpvraag bij het zorgaanbod van de aanbieder. Het kan zijn dat de aanbieder dan een suggestie doet voor de soort indicatie (productcode) en de hoeveelheid uren, dagdelen of etmalen. Dit is altijd een advies. Het is belangrijk om te luisteren naar de inhoudelijke, casusspecifieke onderbouwing die de aanbieder hierbij geeft, om zelf uiteindelijk een goede afweging te maken.  

 

Uiteindelijk bepaal jij als verwijzer de passende indicatie, waarin je zelf een goede afweging hebt gemaakt van alle input, dus ook die van de aanbieder, die je hebt gekregen om tot dit besluit te komen. 

Hoe werkt de stapelingsmatrix?
Stapelingsmatrix

De actuele versie van de stapelingsmatrix is te vinden op de website van de MGR.
 

Bekijk video
Passend indiceren op basis van P*Q
Bekijk video
Verlengen, ophogen, nieuwe indicatie

Inleiding

Een maatwerkvoorziening wordt ingezet om bepaalde doelen te behalen en in de meeste gevallen worden deze doelen ook behaald. Dan stopt de hulp na de evaluatie en kan de jeugdige/gezin weer zelfstandig verder. Soms lukt het behalen van die doelen echter niet. Dan wordt regelmatig de vraag om een nieuwe indicatie gesteld. Dit kan bijvoorbeeld aan de orde zijn bij hulpvormen die langduriger van aard zijn of bij veranderde omstandigheden of nieuwe feiten. 
In relatie tot nieuwe indicaties worden diverse termen gebruikt. Deze duiden we hieronder en we lichten toe wanneer we dit gebruiken. 

 

Verlengen van een indicatie 
Definitie 
De indicatie blijft in tact, alleen de einddatum van de indicatie wordt naar achteren gezet middels een 317-bericht. 

 

Wanneer doen we dit? 

Alleen als aan de volgende omstandigheden wordt voldaan: 

  • De verwijzer doet een inhoudelijke toets en constateert daarbij:
  • Dat de doelen gelijk zijn gebleven, en
  • Meestal komt de langere doorlooptijd door omstandigheden zoals vakantie of ziekte bij gezin of behandelaar.

 

Wordt niet aan deze voorwaarden voldaan? Dan geldt dat een nieuwe indicatie wordt afgegeven (zie hieronder). 

 

Randvoorwaarden 
Een verlenging van een indicatie mag maximaal de helft (0,5 x) de oorspronkelijke indicatie zijn.  
Voorbeeld: Was de oorspronkelijke indicatie een jaar? Dan mag de einddatum met maximaal een half jaar naar achteren worden gezet. De indicatie heeft dan een totale looptijd van 1,5 jaar. 

 

Ophogen van een indicatie 
Definitie 
De indicatie blijft in tact, maar de hoeveelheid uren/dagdelen/etmalen van een indicatie worden opgehoogd. 
 

Wanneer doen we dit? 
NIET. Bij een ophoging van de hoeveelheid binnen dezelfde looptijd kan sprake zijn van twee situaties: 

  • De gevraagde/benodigde ophoging is zeer beperkt in omvang: Dan ziet de aanbieder dit tijdig aankomen en is de vraag aan de aanbieder om het toch binnen de vooraf afgesproken uren/dagdelen/etmalen op te pakken.
  • De gevraagde/benodigde ophoging is groter in omvang: Dan is er iets gewijzigd in de situatie ten opzichte van de oorspronkelijke beoordeling en dan is een nieuwe beoordeling door de verwijzer nodig. Dan geldt dat een nieuwe indicatie wordt afgegeven. 
     

 

Nieuwe indicatie 
Definitie 
Wanneer jeugdhulp is ingezet, maar dit heeft onvoldoende bijgedragen aan het behalen van de doelen of er is een nieuwe/aanvullende hulpvraag ontstaan, dan wordt altijd opnieuw breed gekeken naar wat nodig is. Dit betekent dus opnieuw kijken naar de doelen, soort indicatie en keuze aanbieder in het licht van de huidige situatie, waarin de resultaten van het doorlopen traject worden meegenomen in de beoordeling. 

 

Wanneer doen we dit? 
In principe altijd als een indicatie afloopt, behalve als verlengen van een indicatie mogelijk is. 
 
Herindicatie 
Deze term gebruiken we niet. 
Een herindicatie suggereert dat je dezelfde indicatie opnieuw inzet, terwijl we verwachten dat er opnieuw breed wordt gekeken. Daarom gebruiken we de term: Nieuwe indicatie. 

Aanbieder kiezen

Uitgangspunt: Gecontracteerde aanbieder 

NB: Een video over aanbieder kiezen volgt op een later moment. 

 

De keuze voor een jeugdhulpaanbieder ligt bij de jeugdige en/of ouders/gezin. Daarbij geldt het uitgangspunt dat een gecontracteerde aanbieder wordt gekozen. Dit is in de Jeugdwet vastgelegd, mede omdat het administratieve lasten beperkt, omdat contract, afspraken, kwaliteitseisen, enz. dan al geborgd zijn. Dit geldt voor inzet via alle verwijzers, dus voor gemeentelijke verwijzers, GI’s, huisartsen, jeugdartsen, medisch specialisten, enz.

 

Per segment of hulpvorm is de contractering anders georganiseerd. Hieronder staat aangegeven waar je het gecontracteerde aanbod per segment of hulpvorm vindt: 

  • Segment 1, Crisishulp of JeugdzorgPlus: Hiervoor is een beperkt aanbod per zorgvorm gecontracteerd. Kijk goed naar de afspraken per hulpvorm.
  • Segment 2 Wonen, Segment 3 Dagbesteding en dagbehandeling en Segment 4 Ambulant: Zie voor het gecontracteerd aanbod de zoektool van de MGR.
  • Zeer specialistische vormen van jeugdhulp, die door de VNG zijn gecontracteerd: Zie meer informatie bij Landelijke inkoop jeugdhulp via raamovereenkomsten van de VNG.
  • Als ouders onderbouwd een PGB willen én ze zijn PGB-vaardig, dan is contractering via PGB mogelijk. Let op: In dit geval gaan ouders een overeenkomst aan met een aanbieder, dus de gemeente of de regio heeft geen enkele verantwoordelijkheid richting deze aanbieder. Meer hierover vind je in het handboek bij Afweging PGB. 
     

Specifiek voor segment 2, 3 en 4 is ons aanbod soms niet volledig dekkend en wil je als verwijzer graag een aanbieder inzetten die (nog) niet gecontracteerd is. Hierover meer in de volgende paragraaf. 

 

(Nog) niet gecontracteerde aanbieder aansporen tot contract 

Als een aanbieder (nog) niet is gecontracteerd, sporen we de aanbieder aan om alsnog een overeenkomst te sluiten met de regio Noord-Limburg. Binnen de huidige contractering is het tussentijds toetreden van aanbieders in de meeste gevallen mogelijk. 


 

LET OP: 
De procedure om tot een overeenkomst te komen neemt tijd in beslag, doordat de aanbieder en de regio een aantal stappen moeten doorlopen. Deze hulp daadwerkelijk starten in een casus is pas mogelijk als dit proces is doorlopen en de overeenkomst is gesloten! Schep daarin als verwijzer de juiste verwachtingen richting een jeugdige/ouders/gezin én aanbieder. 

 

Daarnaast een aantal aandachtspunten voor jou als verwijzer in dit proces: 

  • Check vooraf goed of het aanbod van de aanbieder past binnen de reikwijdte van de jeugdwet zoals wij deze als regio hebben omschreven. Oftewel: Check of de hulpvorm ook daadwerkelijk een jeugdhulp-maatwerkvoorziening zou kunnen zijn en of deze in de basis zou kunnen voldoen aan de eisen die we stellen als jeugdhulpaanbieder. We verwachten daarin geen uitgebreid onderzoek, maar we willen voorkomen dat je als verwijzer verkeerde verwachtingen richting de jeugdige/ouders/gezin én aanbieder schept.
  • Houd er rekening mee dat een betreffende aanbieder al eerder kan hebben ingeschreven, maar kan zijn afgewezen omdat deze niet aan de voorwaarden voldeed. Blijf daarom in de aansporing tot een contract professioneel en zakelijk en benoem dat er voorwaarden en eisen verbonden zijn aan het krijgen van een contract.
  • Het proces om een contract te krijgen is volledig aan de aanbieder. Hier hoef jij als verwijzer geen ondersteuning in te bieden. Bij eventuele vragen kunnen zij contact opnemen met de MGR.
  • Stuur als verwijzer een mail naar de MGR (info@sdln.nl) om te laten weten dat je een aanbieder hebt aangespoord om een contract te sluiten, in verband met een lopende casus waar je deze aanbieder graag wilt inzetten. De MGR weet dan dat deze aanvraag direct beoordeeld moet worden. Dit is in het kader van vraaggericht toetreden (jij als verwijzer vraagt een aanbieder om toe te treden en dus een overeenkomst te krijgen). Daarnaast is er ook een procedure voor aanbodgericht toetreden. Deze aanbieders worden 4x per jaar beoordeeld. 
     

In dit proces zijn een aantal mogelijke uitkomsten: 

  • De aanbieder wil geen overeenkomst sluiten met de regio Noord-Limburg. In dit geval is, in uitzonderlijke gevallen, een NGA mogelijk. Hierover meer in de volgende paragraaf.
  • De aanbieder voldoet aan alle eisen en voorwaarden en krijgt een contract. Je kunt deze aanbieder nu behandelen als een gecontracteerde aanbieder.
  • De aanbieder voldoet NIET aan de eisen of voorwaarden en krijgt GEEN contract. De enige twee mogelijkheden om toch zorg te kunnen leveren zijn dan een PGB of NGA, echter aan beide procedures hangen eisen. 

 

In uitzonderlijke gevallen is dan een NGA (niet gecontracteerd aanbod) mogelijk. In de volgende paragraaf staat hierover meer. 

 

NGA: Niet gecontracteerd aanbod 
Als een bepaald aanbod niet gecontracteerd is of de aanbieder niet via de reguliere procedure (zoals in de vorige paragraaf beschreven) een contract wil of kan krijgen, is de laatste mogelijkheid een NGA: Niet Gecontracteerd Aanbod, oftewel een overeenkomst tussen een gemeente en aanbieder voor één cliënt. Deze overeenkomst is dus nadrukkelijk niet met de regio/MGR gesloten, maar met een individuele gemeente. 
Dit is alleen mogelijk in uitzonderingssituaties en we gaan hier als regio zeer terughoudend mee om. 
In deze gevallen komt een aanbieder in aanmerking voor een NGA, mits positief beoordeeld door

TMJ: 

  • Een gemeente uit onze regio is volgens het woonplaatsbeginsel verantwoordelijk voor een jeugdige, maar de jeugdige woont ver weg van onze regio. We willen daarom eenmalig voor deze jeugdige specifieke jeugdhulp in zijn nabijheid inzetten. De aanbieder voldoet in principe wel aan alle (inhoudelijke/kwalitatieve) eisen.
  • Een jeugdige woont al bij een aanbieder (bijv. Gezinshuis, kleinschalige woonleefgroep) en de aanbieder wil geen contract.
  • Er is geen gecontracteerde aanbieder die hetzelfde kan bieden óf hetzelfde resultaat kan bereiken met de jeugdige of zijn ouders/gezin. 

 

In deze gevallen komt een aanbieder sowieso NIET in aanmerking voor een NGA: 

  • De aanbieder voldoet niet aan de kwaliteitseisen of valt buiten de reikwijdte/afbakening van de jeugdwet.
  • De aanbieder is gevestigd in of nabij de regio, waardoor het aannemelijk is dat meerdere jeugdigen/ouders/gezinnen hier gebruik van willen maken.
  • Als de aanbieder geen contract wil, omdat onze tarieven te laag zijn en dus een NGA wil tegen hogere tarieven.

 

Meer over het proces om te komen tot een NGA of jouw extra verantwoordelijkheden als verwijzer bij een NGA is te vinden in het handboek.